De windturbine is uitgerust met lichtsensoren en met computers. Die kennen op elk moment van de dag de stand van de zon, de stand van de rotor, of de rotor draait, en de ligging van elke woning. Via de lichtsensor weet de turbine ook of de zon schijnt dan wel of er wolken zijn.

De computer berekent of en wanneer er slagschaduw zal vallen op een welbepaalde woning. Dit houdt hij bij in een logboek dat ook beschikbaar is voor de milieu-inspectie. Van zodra de wettelijke norm bereikt is, valt de windturbine stil. De turbine start opnieuw op zodra de zon ver genoeg aan de hemel is doorgeschoven om geen schaduw meer op de woning te werpen. Daarom zie je windturbines soms heel even stil staan. Ze zijn niet stuk, vaak wachten ze gewoon tot de zon wat is opgeschoven om de buren niet te storen.

Ook bij het project in Asse zullen de turbines soms gedurende korte tijd stilvallen om de normen te respecteren. Die norm blijft trouwens gelden ongeacht het aantal windturbines in de buurt.